Depressie
In de wereld waarin we leven is het net zo druk als het in onze gedachtewereld kan zijn. De drukte bestaat vooral uit afleiding en verleiding. De voortdurende informatiestroom, het nieuws, de commercie, sociaal media en alles wat er nog meer is om volledig in beslag genomen te worden en meegesleurd. De wetenschap onderzoekt hoe, doorgaans volledig zinloze, “boodschappen” het effectiefst kunnen worden overgebracht. Zinnige informatie en echt nieuws wordt afgevlakt en sneeuwt onder door alle schreeuwerige en opdringerige aandachttrekkers.
Op de muurtjes en bankjes van het dorp, waar we in de buurt waar we wonen in Portugal, zitten oude mannen, in zichzelf gekeerd, of ze praten wat met elkaar, ik denk, over hoe het vroeger was. Ze kunnen, en willen, dit allemaal niet meer bij benen, letterlijk en figuurlijk.
Bij veel, moderne, dingen moeten ze geholpen worden, op het postkantoor, de bank, het supermarktje, het is niet meer de wereld waarin zij leven. Vroeger was alles beter, zeggen ze. Het was de wereld die zij nog konden hanteren en waar het in hun tempo ging.
De wereld, het leven, van toen en nu zijn, ogenschijnlijk niet hetzelfde, maar beter beschouwd is het verschil niet zo groot. In geen van beide werelden, of in welke vroegere wereld dan ook, zijn we, in het algemeen gesproken, steeds maar bezig om niet ons zelf te zijn. De middelen die ons van ons zelf vervreemden zijn steeds meer en slimmer geworden. We zijn steeds meer “de wereld” geworden en “de wereld” is steeds meer ons leven binnengedrongen. Zelfs het huis waarin we wonen is steeds minder “ons huis”. Het is een slaapplek zonder keuken, want eten doen we er steeds minder vaak. Huizen zonder eettafel. Het eten wordt bezorgd en we eten het voor de televisie of achter de computer. Het woord depressief is een gewoon gebruikswoord geworden, en om te kunnen slapen hebben we vaak middelen nodig.
En als het contact met wie we zijn en wat we voelen helemaal verbreekt, of dreigt te verbreken, gebeurt er iets. Iets waardoor we niet meer verder kunnen.
Wij zelf, of de wereld om ons heen stort in. En in deze, meestal ernstige, soms zelfs levensbedreigende toestand, voelen we de sterke behoefte om tot rust te komen, en vragen ons af; “wie ben ik eigenlijk en wat wil ik eigenlijk?”. Hopelijk laat je je niet meesleuren door hele legers deskundigen die je, het liefst, zo snel mogelijk weer willen inpassen in het veel te hoge, onmenselijke tempo. Nu voel je de inwendige motivatie om tot rust te komen en jezelf te leren kennen. Nu heb je de kans om weer jezelf te worden en op jou manier in de wereld te zijn.
Je bent in de wereld maar niet van de wereld.
Bert Jonkers 2026